Afschaffing van de provincie

De JOVD kiest voor afschaffing van de provincie zoals wij die in zijn huidige vorm kennen. Politiek is op dit niveau namelijk nauwelijks noodzakelijk: het budget van een provincie is vaak kleiner dan dat van grote steden binnen die provincie. Ook fungeert de provincie niet als een loket voor inwoners en bedrijven, zoals rijksoverheid of gemeente dat doen. De taken van de provincie beperken zich tot kaders op bijvoorbeeld het gebied van ruimtelijke ordening en provinciale wegen. Directe democratische controle op dit lichaam is dan ook niet noodzakelijk.

Het bestuursniveau College van Gedeputeerde Staten en de vertegenwoordigers op provinciaal niveau, Provinciale Staten, verdwijnen wat de JOVD betreft stapsgewijs.

In plaats daarvan kunnen de provinciën functioneren als territoriale uitvoeringsorganen die zich bezighouden met publieke taken, zoals ruimtelijke ordening, veiligheid en infrastructuur, onder verantwoordelijkheid van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De provincie staat zo onder indirecte democratische controle, via de minister, van de Tweede Kamer. Taken die dicht bij de burger liggen en politiek van aard zijn, kunnen eventueel aan de gemeente worden overgedragen.

Uit historisch en cultureel besef blijft de naam van de provincie in gebruik.

Zolang de Provinciale Staten als democratisch orgaan blijven bestaan, mogen wat de JOVD betreft de leden ervan geen "dubbel mandaat" hebben met gemeentebesturen. Leden van de Provinciale Staten mogen dus geen lid van de gemeenteraad, burgemeester of wethouder zijn.

Terug