Wonen

Wonen

Woningbouwcorporaties

Door de relatieve krapte binnen de sociale huursector heeft het bijbouwen van sociale huurwoningen prioriteit. Hiertoe dient zoveel mogelijk middelen van de corporatie in dienst te staan van die prioriteit. Dure objecten dienen dan zoveel mogelijk afgestoten te worden teneinde meer middelen vrij te maken voor de bouw van sociale huurwoningen.

Woningcorporaties zijn geen overheden. Dat betekent dat ze een marktpartij zijn en zo dienen ze zich ook te gedragen. Concurrentie tussen woningbouwverenigingen is wenselijk. Hierdoor ontstaat betere ontwikkeling binnen de sociale sector.

Het is van groot belang dat sociale huurwoningen niet te veel geconcentreerd zijn. Woningcorporaties dienen zich hier bewust van te zijn. Te veel sociale huurwoningen op dezelfde plek werkt segregatie in de hand. Aangezien de corporaties een grote speler zijn kunnen zij middels strategisch ontwikkelen segregatie tegengaan.

Sociale huurwoningen mogen niet armenhuizen worden. De kwaliteit van sociale huurwoningen dient in orde te zijn. De minimale kwaliteit hoeft ook niet gelijk te staan aan marktkwaliteit.

De JOVD is voorstander van een nieuwe manier van toewijzen van sociale huurwoningen. Niet langer is de huurder zolang het contract loopt beschermd tegen de woningcorporatie, maar wordt iedere vijf jaar het contract gewijzigd. Indien binnen die vijf jaar de huurder een hoger inkomen heeft dan toegestaan, krijgt de huurder achttien maanden de tijd om een andere woning te vinden buiten de sociale sector. Hierdoor wordt scheefwonen tegengegaan en zijn meer sociale huurwoningen beschikbaar voor Nederlanders die ze nodig hebben.

aangepast op 17 februari 2020

Huurtoeslag

De huurtoeslag dient geleidelijk te worden afgeschaft. De huurtoeslag maakt huurwoningen alleen maar duurder, ze worden er niet per definitie toegankelijker door. In het nieuwe belastingstelsel wordt daarnaast de hypotheekrenteaftrek afgeschaft.

De liberalisatiegrens dient te worden verlaagd naar zeshonderd euro per maand. Hierdoor ontstaan er meer marktgeoriënteerde woningen. Dit geeft lucht in de markt.

aangepast op 17 februari 2020

Hypotheek van de toekomst

De JOVD is van mening dat hypotheekverstrekkers ook naar de verwachte inkomensstijging zouden mogen kijken. De wet- en regelgeving rondom inkomensnormen moet een flexibeler aanpak door hypotheekverstrekkers toestaan. Hierdoor wordt het mogelijk voor starters om de woningmarkt op jongere leeftijd te betreden en is keuzevrijheid en doorstroming gegarandeerd. Om inkomensstijging mee te kunnen nemen kan de hypotheekverstrekker gebruik maken van zogenoemde ‘perspectiefverklaringen’.

Ook bepleit de JOVD al geruime tijd dat er in het nieuwe belastingstelsel geen ruimte meer zou moeten zijn voor de hypotheekrenteaftrek. Het systeem van hypotheekrenteaftrek maakt het belastingstelsel complexer en drijft prijzen op. Tegelijkertijd wordt dan ook het eigenwoningforfait afgeschaft.

aangepast op 17 februari 2020

Overdrachtsbelasting

"De overdrachtsbelasting moet worden afgeschaft."

De JOVD is voorstander van het afschaffen van de overdrachtsbelasting. Deze belasting dient alleen maar als melkkoe van de overheid en remt de huizenmarkt.

aangepast op 17 februari 2020

Projectontwikkeling

De JOVD wil dat ontwikkelaars en eigenaren actief de omwonenden raadplegen alvorens een ontwikkeling plaatsvindt. Deze consultatie moet een vast onderdeel zijn van het aanvragen van een vergunning.

aangepast op 17 februari 2020

Duurzaam wonen

De gebouwde omgeving is belangrijk met betrekking tot de energietransitie. Huiseigenaren zijn verantwoordelijk voor het verduurzamen van hun eigen woning. De overheid heeft wel een zorgtaak in het aanbieden van informatie en het voorstellen van alternatieven.

aangepast op 17 februari 2020

Welstandscommissies

De JOVD wil dat welstandscommissies worden afgeschaft. In plaats daarvan dienen eigenaren van een pand met omwonenden in gesprek te gaan over een verbouwing. Het heeft immers meer waarde of omwonenden zich in de plannen kunnen vinden, dan als een commissie ambtenaren het voorstel goed- of afkeurt.

aangepast op 17 februari 2020